| |

Vallestappers op Peellandpad
|
Kasteel Heeswijk - Den Bosch : 16 februari 2009 |
Vandaag, voor ons doen, een vrij korte etappe van zo'n vijftien kilometer. We zijn redelijk vroeg uit de veren en zitten om acht
uur aan de koffie bij Pieter. Henny en Ieteke zijn ook van de partij, want zij gaan mee om ons weg te brengen naar het beginpunt
bij kasteel Heeswijk. De dames nemen de auto weer mee naar huis, want de Vallestappers gaan na afloop van het wandelen met trein
en bus terug naar Nuenen.
Het is nat weer, maar we gaan toch, want het wordt in de loop van de dag droger en kouder volgens Pieter, onze weercoördinator.
En dus gaan we!
Op de parkeerplaats bij het kasteel is het behoorlijk modderig. We doen de wandelschoenen aan, de poncho's om en zeggen de dames
gedag. Om kwart over negen beginnen we aan de laatste etappe van het Peellandpad.
-
Eerst een ommetje rond het kasteel. Twee zwarte zwanen zijn elkaar het hof aan het maken. Ze hebben weinig oog voor ons. Het fraaie
kasteel laten we achter ons en nemen het pad richting Den Bosch.
Vlakbij een fraai gelegen woonboerderij steken we een oude zijtak van de Aa over. Een eind verder komen we op graspad langs de
gekanaliseerde Aa. Kaarsrecht, goed voor een vlotte afwatering, maar erg jammer voor de natuur. Gelukkig hebben ze hier en daar de
oude bedding hersteld en zo een begin gemaakt met het natuurherstel. Het betekent wel, dat de route van het pad is aangepast. Het
nieuwe pad is door de regen een echt modderpad geworden en dat ontlokt bij Pieter de kreet: "Het pad van de wandelaar gaat niet
over rozen".
Bij Middelrode is de oude bedding zowel op de kaart als in het terrein te herkennen. Het is te hopen, dat ze doorgaan met
natuurherstel want dit stuk wordt daardoor veel mooier.
-
Wij passeren enkele (restanten van) pachthoeven en buitenverblijven van de Bossche 'bon ton', zoals het boekje vermeld. Van
"Assendelft" is alleen de toegangspoort uit de zestiende eeuw nog te zien.
Een stukje verder bevinden zich de restanten van het 'kasteel' Seldensate, in een mooie natuurlijke omgeving. Op een mooie zomerse
dag moet het hier heerlijk zijn in de lommer. Vandaag lijkt het daar in de verste verte niet op, ofschoon enkele groepen
sneeuwklokjes proberen het wat op te fleuren.
Wij kuieren of liever glibberen verder langs de rechte Aa. Ter hoogte van Berlicum gaan we over asfaltweggetjes verder door het
Aa-dal. Uiteindelijk komen we weer terug op de dijk langs de Aa. Het zijn flinke dijken en dat zal niet voor niks zijn.
Het water staat nu niet hoog, maar stroomt behoorlijk snel. Dat is goed te zien bij de stuw. Het water valt hier een meter of zo
naar beneden en veroorzaakt veel schuim. Pieter: "Dat komt door nitraten en nitrite". Op deze plek pauzeren we voor een heerlijke
koek van Wim, die met koffie en water wordt weggespoeld. De poncho's kunnen zowaar uit en worden aan een hek gehangen om te drogen.
-
Wij vervolgen ons pad over de dijk. Bij de volgende brug moeten we naar rechts en passeren de uitspanning De Fuik. Hier nemen we
na een typisch aangelegd kruispunt de Oude Bossche Baan. Daarna gaat het inderdaad recht op Den Bosch af. Na ongeveer een kilometer
komen we uit bij een viswater van de E.B.H.V., een behoorlijk grote plas. Dit betekent misschien de "Eerste Bossche Hengel
Vereniging". Volgens internet heeft het iets met Berlicum te maken. Het zij zo, maar helaas is er veel rotzooi in het water
gegooid en bij elkaar gedreven in een hoek van de plas. Er is veel werk aan de winkel voor E.B.H.V.
We lopen langs de plas en een klein eindje verder over een pad dwars erdoor heen. Achter het water is de drukke A2 al te zien en
te horen. Waar we normaal met de auto overheen rijden gaan we deze keer onderdoor samen met de rivier de Aa. De enorme
reconstructiewerkzaamheden kunnen we nu vanuit een geheel andere perspectief bekijken. Het is een flinke klus om een "eenvoudige"
brug over de Aa aan te leggen.
-
De entree van Den Bosch over de dijk langs de Aa valt tegen. Misschien is het beter wanneer het zonnetje schijnt. Vandaag is dat
helaas niet het geval. Het gemiezer is opgehouden, maar dat is wat het weer betreft het enig positieve aan deze grijze dag.
Overigens zijn we dankzij de poncho's redelijk droog gebleven.
Een boot met vier roeiers en een stuurman brengt wat levendigheid op de Aa. Zou het een studentenclubje zijn? Nee, hoor. Het zijn
zo te zien allemaal mensen van onze leeftijd, dus vermoedelijk van boven de zestig. "Hou doe", wordt er over en weer geroepen en
zij roeien de stad uit.
Wij lopen nog steeds langs de Aa. Over de weg boven langs of over de natte graswal onderlangs het water. Een stel ganzen zet
koers naar de andere zijde van de Aa. En dan warempel, daar is de roeigroep al weer terug: "Hoi, tot zo in de Korte Putstraat"
en wij horen de reactie: "Die zijn hier bekend!"
-
Wij passeren een robuuste toren, een watertoren. Een eindje verder gaat de route volgens het wandelboekje rechtdoor, maar de
markering leidt ons in de richting van de Sint Jan. En dat is gunstig, want daar vlakbij ligt de Korte Putstraat, waar we gaan
lunchen.
Den Bosch is duidelijk bezig zich klaar te maken voor de Carnaval en is in die dagen beter bekend als Oeteldonk. Overal het
rood-wit-geel, DE kleuren van de stad tijdens de carnaval.
Wij lopen langs de Sint Jan en gaan rechtsaf naar de Korte Putstraat, die iets verder ligt. Dit is één van DE straten, waar het
goed is om te verblijven op een terras of in een restaurant.
-
Wij zijn echter vroeg. Althans één uur in de middag is het kennelijk nog vroeg, want het is erg rustig. Verschillende zaken zijn
gesloten, maar gelukkig niet allemaal.
Op een gevel aan het begin van de straat is de volgende spreuk geschilderd van de dichter en schilder Willem van Hussem:
OP HET ONBESCHREVEN BLAD VAN DE OCHTENDLUCHT
Schrijft een vogel poëzie
Wij zijn vanmorgen vroeg uit de veren geweest, maar in de grijze en natte ochtendlucht heeft geen enkele vogel iets voor ons
beschreven. Een wandelaar moet de dag maar nemen zoals die komt en eigenlijk is het nog meegevallen, ofschoon Pieter wel wat
gemopper heeft moeten aanhoren.
Nu is het echter droog en binnen bij Zoetelief in de Korte Putstraat is het nog beter. We hebben na zo'n vijftien kilometer in
dit etablissement de voltooiing van het Peellandpad gevierd met een lekkere lunchmaaltijd.
-
Na het eten lopen we dwars door de Bossche binnenstad, één van de mooiste van Nederland. Althans dat zeggen ze zelf en daar zit
wel een grond van waarheid in.
De markt is flink opgeknapt. Wim mist de optrek van een pomp of put, die midden op het plein lag. Misschien wel jammer dat het
weg is. Nu is het nog rustig, maar Carnavalsmaandag zal het hier tijdens de optocht gezellig en enorm druk zijn.
Wij nemen de kortste route naar het station. Vlakbij de brug over de Dommel staat een paal met aanduidingen van lange
afstandswandelpaden, zoals van het Pelgrimspad, dat we al gelopen hebben en van het Peellandpad, dat we nu net hebben afgerond.
Tegen drie uur pakken we de trein naar Eindhoven. Na een korte rit volgens schema en zonder controle nemen we in Eindhoven
buslijn 6 naar Nuenen. Dankzij de financiële ondersteuning van de Provincie Noord-Brabant kost de busrit maar dertig eurocentjes
voor senioren boven de 65 en dat is niet veel. Niet iedereen van ons is zo oud, maar qua uiterlijk oud genoeg en dus is het goed.
Dank je wel provincie!
Wij zijn lekker op tijd weer thuis en gaan ons opmaken voor een volgende uitdaging:
Het GRENSLANDPAD !
Een pad van ruim 360 kilometer langs de Belgische grens van Sluis naar Thorn.
Terug naar boven
|
|